Episode 66: Zalig zijn de onwetenden
“Waar heb je het over?” snauwt Sven. “Ik weet alles wat ik moet weten over onze vader. En geloof me, we hebben hierover niets te bespreken.” Alexander kijkt hem aan. “Dan luister je maar gewoon.” Zijn blik wordt bitter. “Ik heb begrepen dat jij nog bij hem op bezoek bent geweest, kort voordat hij zelfmoord pleegde?” Sven knikt alleen maar en kijkt weg. Het is was geen gebeurtenis die hij zich graag herinnert. Maar vrijwel alle herinneringen aan zijn vader vallen onder die categorie. “En toen heeft hij je gezegd dat hij trots op je was en dat je op hem lijkt,” gaat Alexander verder. Sven draait zijn hoofd bliksemsnel weer richting Alexander. “Hoe weet jij dat?” Alexanders blik wordt giftig. “Omdat ik daarna bij hem was. Hij heeft mij verteld wat er tussen jullie is besproken. En toen heeft hij mij iets verteld… Iets dat ik al twee jaar met me meedraag.” Hij aarzelt even. Zijn keelspieren bewegen alsof hij moeite moet doen om niet over te geven. “Hij zei me, dat al die jaren, niet ik, maar jij zijn favoriete zoon was.”
“Gaat het weer een beetje?” vraagt Carmen. Kim droogt haar ogen af. “Het gaat wel weer.” Ze kijkt Carmen indringend aan. “Beloof me alsjeblieft dat je dit geheim houdt. Ik wil nog niet dat Arnout, of wie dan ook, dit te weten komt.” “Ook je ouders niet?” Kim schudt haar hoofd. “Met al deze drukte is dit niet het goede moment.” “Wanneer dan wel?” vraagt Carmen. “Als er meer duidelijkheid is over Sven soms?” Kim slaat haar ogen neer. “Sorry,” zegt Carmen snel. “Maar je moet hier niet voor afsluiten. Noa vraagt steeds naar haar vader.” Ze gebaart naar de buik van Kim. “En nu heb je nog iemand voor wie je verantwoordelijk bent.” Kim reageert niet. Carmen grijpt haar bij de schouders. “Heb je me gehoord?” Kim kijkt haar aan en knikt. “Maar wat moeten we als…” “Zo ver komt het niet. We krijgen Sven terug. En jullie beide kinderen krijgen gewoon hun vader. Maar dan moet jij wel beter op jezelf gaan passen. Want je ziet er werkelijk niet uit.” Kim kijkt Carmen vreemd aan. Maar dan moet ze toch een beetje grinniken. “Je hebt gelijk ook,” zegt ze. Ze staat op van haar bed. “We moeten zorgen dat Sven terug komt. Ik ga met Arnout praten of we echt niets kunnen doen.” Ze loopt de kamer uit. Carmen kijkt haar na. “Hopelijk heb ik Kim geen valse hoop gegeven,” mompelt ze in zichzelf. “Waar Sven ook is, ik geloof niet dat het nu goed met hem gaat.”
Sven staart Alexander ongelovig aan. “Je liegt,” weet hij uiteindelijk uit te brengen. “Mijn vader heeft mijn hele leven niets anders gedaan mij dwarszitten en kleineren. Jij kreeg altijd alles maar van hem. Jij was altijd zijn favoriet.” Alexander schudt grimmig zijn hoofd. “Dat dacht ik altijd. Maar wat jij niet weet, is dat hij tegen mij ook niet makkelijk was.” Sven snuift ongelovig. “Het is zo,” zegt Alexander geagiteerd. Het is duidelijk dat hij zijn zelfbeheersing begint te verliezen. “Jij bent in vier jaar tijd bijna niet thuis geweest. Je weet niet hoe het was.” “Gelukkig niet,” zegt Sven. “In de vakantie moest ik altijd aanhoren wat jij had gepresteerd. Vader heeft wat ik wilde altijd afgekeurd. Jouw werk vond hij wel genoeg aanzien hebben.” Alexander slaakt een vreugdeloos lachje. “O, Sven. Ben je nou echt zo naïef? Vader was het dan wel niet eens met je keuzes. Maar hij besloot om je de kans te geven om terug te vechten. Hij maakte het je moeilijk. Hij stelde hoge en harde eisen. Maar je ging die uitdaging aan, omdat je deed wat je wilde.” Alexander stopt even om weer te grinniken. “Hij gaf je net genoeg ruimte om te kunnen slagen in je doel. Telkens weer moest ik aanhoren wat je aan het doen was. Vader schepte er genoegen in om daarover te praten. Eerst dacht ik dat hij je achter je rug om uitlachte om hoe je krom lag voor hem. Maar toen ik hem opzocht, vertelde hij mij dat hij trots was. Trots omdat jij sterker was geworden dan ik.” “Hoezo sterker?” vraagt Sven. Zijn hoofd begint te duizelen door deze nieuwe informatie. Alexander zucht vermoeid. “Hij heeft voor ons beiden een heel ander soort opvoeding gepland. Hij heeft mij alle kansen gegeven en jou heeft hij het leven zuur gemaakt.” “Waarom?” vraagt Sven ongelovig terwijl hij van binnen een ijskoud gevoel krijgt over wat zijn broer nu gaat zeggen. “Omdat hij wilde zien welk van zijn twee zonen er beter uit zou komen. Ik heb hem als laatste gesproken voordat hij zelfmoord pleegde. Hij vertelde me dat hij teleurgesteld in me was omdat ik de kansen die ik had gekregen, niet ten volle had benut. Terwijl jij, met alle beperkingen die hij je oplegde, keihard had teruggevochten, zodat zijn eigen plan zich tegen hem keerde.” Hij staart Sven woedend aan. “Doordat jij zonodig je zin moest doordrijven, is onze familie alles kwijtgeraakt. Geld, macht, status. Alles is verdwenen.” “Omdat hij zich niet met mijn gezin had moeten bemoeien,” pareert Sven. “Hij heeft Kim ontvoerd en haar Noa afgenomen, direct nadat ze was geboren. Hij heeft zijn straf verdiend. En dat jij ermee bent weggekomen mag een wonder genoemd worden. Jij was er ongetwijfeld bij.” “Vader heeft verklaard dat hij me heeft gedwongen om mee te doen,” zegt Alexander. “Dat is het officiële verhaal,” sneert Sven. “Maar weten allebei de waarheid.” Alexander haalt zijn schouders op. “Dat doet er nu niet meer toe. Waar het om gaat is dit: Jij hebt onze familie beroofd van waar we recht op hadden; Château Étalon.” Sven lacht. “Daar had onze familie geen enkel recht op. We stammen heel in de verte af van de familie Oiseau de Proie. Eeuwen geleden. Zelfs vader wist dat dit onvoldoende zou zijn om aanspraak te maken. Kim had er als enige recht op.” Alexander staat op en begint door de kelder te ijsberen. “Dat maakt nu allemaal niets meer uit.” Hij staat stil en staart Sven koud aan. “Het kasteel is verloren gegaan. Terwijl dat van jou had kunnen zijn.” “Voor mij? Dat zou nooit zijn gebeurd!” valt Sven uit. “Hoe weet ik niet dat je dit niet allemaal uit je duim zuigt om mij te pesten?” Alexander grijnst vals. “Door antwoord te geven op één hele simpele vraag; Als vader echt had gewild dat jij zou falen in jouw pogingen hem te plezieren, had hij er dan niet simpelweg voor kunnen zorgen dat je zou moeten stoppen met die rangeropleiding?” Sven kijkt Alexander geschokt aan. Hij heeft het gevoel alsof de grond onder hem wegzakt. Hoe hard hij het ook probeert om de woorden van Alexander tegen te spreken, hij weet genoeg over de invloed en meedogenloosheid van zijn vader om te weten dat hij dat makkelijk had kunnen doen. Op allerlei soorten manieren. Hij wil het niet geloven. Maar hij kan niet anders. Hij heeft al die jaren met ons gespeeld, denkt hij met afschuw. Alsof we poppetjes waren. Hij heeft ons zo bewerkt dat we precies deden wat hij wilde. Alleen maar om te zien wie in zijn ogen het beste zou worden. Hij begraaft zijn hoofd in zijn handen.
Alexander kijkt met boosaardig genoegen hoe zijn broer in elkaar lijkt te krimpen door de waarheid die tot hem door begint te dringen. De waarheid waar ik al twee jaar mee moet leven, denkt hij grimmig. Maar nu wordt het tijd voor de genadeklap. “Maar het maakt nu niets meer uit. Vader en moeder zijn dood. Ik ben de oudste zoon. Ik zal nu opeisen wat voor mij is.” Sven kijkt geschokt op. “Wat dan wel?” vraagt hij, versuft door alles wat hij heeft gehoord. “Simpel,” zegt Alexander. “Ik ga voor jou losgeld vragen. Het geld dat Kim heeft gekregen door de verkoop van Château Étalon.” “Zelfs als je dat geld te pakken krijgt, dan nog kun je er niet van genieten,” zegt Sven. “De politie vindt je toch wel. “Dat denk ik niet,” zegt Alexander met een valse grijns. Vervolgens pakt hij een fototoestel en maakt een paar foto’s van Sven. “Kim zal niet weten dat ik hierachter zit. Ik zal mijn gezicht niet aan haar laten zien. En jij zul mij niet verraden. Want in ruil voor het geld krijgt Kim jou terug. Maar ik ga er niet bij zeggen dat ze je niet levend terugkrijgt.” Sven zet zich af om Alexander aan te vliegen. Maar zodra hij zijn gewicht op zijn gebroken been zet, schiet de pijn door zijn lijf. Schreeuwend van de pijn zakt hij op de grond. Alexander lacht en loopt de kelder uit. “Pas een beetje op jezelf, broertje,” roept hij over zijn schouder. “Met dat been mag je jezelf niet teveel inspannen.” Vervolgens sluit hij de deur en draait hem weer op slot.
Sven klautert met veel pijn en moeite weer terug op zijn bed. Daar ligt hij minuten lang te hijgen, voordat hij weer op adem is. “Vader, zelfs uit je graf weet je alles nog voor ons te verzieken!”
Volgende keer in Burning Ambition:
Er moet partij worden gekozen.