Episode 58: In het donker zijn alle katten grijs
Kim wordt wakker van het licht dat, door een kiertje in het gordijn, op haar gezicht schijnt. Ze rekt zich uit en opent haar ogen. Afgezien van haarzelf is het bed leeg. Wanneer ze op de klok kijkt, ziet ze dat het al laat in de ochtend is. Ze leunt over de rand van het bed en raapt haar pyjama op van de grond. Snel kleedt ze zich aan en loopt naar beneden. Uit de keuken hoort ze zacht geluiden komen. Wanneer ze de keuken binnen loopt, komt de geur van verse koffie en warme croissants haar tegemoet.
Sven wil net een sinaasappel uitpersen, als hij de armen van Kim om zijn middel voelt. “Ik wilde je juist een ontbijtje op bed brengen,” zegt hij een beetje teleurgesteld. Kim grinnikt. “Waar heb ik dat aan te danken?” vraagt ze. Sven draait zich om en trekt Kim wat dichter tegen zich aan. “Waar heb ik jou aan te danken?” zegt hij. Kim laat hem los en kijkt hem vreemd aan. “Waarom vraag je dat?” Sven haalt zijn schouders op. “Sinds ik jou heb leren kennen, is mijn leven veranderd van een puinhoop in iets waar ik niet op durfde hopen.” Kim legt haar hand op zijn schouder. “Het is niets dat je niet verdient hebt,” zegt ze. “Maar toch,” zegt Sven. “Ik heb het idee dat ik niet altijd even goed laat blijken hoe zeer ik dat waardeer,” zegt hij. “Ik kan af en toe gewoon niet…” Kim slaat haar armen weer om hem heen. “Ik weet toch hoe je bent,” zegt ze. “Wat je niet zegt, zie ik in je ogen.” Sven glimlacht en buigt zich naar haar toe. “Papa!” klinkt dan van boven. Kim en Sven schieten beiden in de lach en laten elkaar los. “Begin maar vast,” zegt Sven terwijl hij naar de gedekte ontbijttafel gebaart. “Je zult wel trek hebben.” Kim knikt. Sven loopt de keuken uit.
Kim gaat snel aan tafel zitten. Ze pakt een warme croissant, snijdt hem open en doet er een flinke klodder bosvruchtenjam op. Ze neemt een hap en geniet van de smaak. Een ontbijtje als dit brengt haar terug naar haar jeugd in Frankrijk, toen haar moeder of Adelaide croissants bakten. In principe iets heel simpels. Maar in de dagen dat ze niet hoeft te werken, zorgen juist dit soort dingen ervoor dat ze van het leven kan genieten. Gek, denkt ze. Een paar jaar geleden wilde ik alleen maar reizen en op avontuur. Maar nu geniet ik van het gezinsleven, net zoals vroeger. Alsof het afgesproken werk is, komt Sven binnen met Noa op zijn nek. Noa kraait van plezier als Sven bukt zodat ze samen de deur doorkunnen. Sven hobbelt in gehurkte positie naar Kim toe. Kim haalt Noa van zijn nek en neemt haar op schoot. Noa pakt direct het restant van Kims croissant en begint er kleine hapjes van te nemen. Kim kijkt er vertederd naar. “Hopelijk blijft ze altijd zo levenslustig,” zegt Sven. Kim knikt alleen maar. “Ik ga even de post halen,” zegt Sven, waarna hij de keuken weer uit loopt. Even later komt hij terug met de krant en een envelop. Hij kijkt met een vreemd gezicht naar de envelop. “Wat is er?” vraagt Kim.
Sven reikt haar de envelop aan. Ze kijkt ernaar. De meeste post die ze krijgt, wordt doorgestuurd door de omroep. Er komen altijd wel een paar brieven van fans binnen. Maar er nu ziet ze een grote envelop met enkel haar naam erop. Deze moet dus persoonlijk in de brievenbus zijn gedaan. Ze trekt een wenkbrauw op en maakt de envelop open. Er zitten een aantal foto’s in van haar, Sven en Noa in de buurt van het huis. Er zit ook een getypte brief bij:
Kim,
Je hebt een mooi leven. Een leven dat je niet verdient. Maar dat zal niet lang meer duren. Ik begrijp niet alles van jou. Maar wat ik van je weet, bevalt me niet. Maar geloof mij. Ik ga daar een einde aan maken. Je hoeft niet voor te vrezen voor je eigen leven. Maar wel voor het leven van diegene die zich niet kan verdedigen tegen mij.
Was getekend,
X
Kim verbleekt. Ze klemt Noa stevig tegen zich aan, die daar niet erg blij mee is. Ze laat haar croissant vallen en begint te roepen dat ze een nieuwe wil. Sven haalt Noa uit de armen van Kim, zet haar in haar stoel en maakt een nieuw croissantje voor haar. Wanneer Noa is afgeleid, loopt hij naar Kim toe. “Wat is er?” vraagt hij. Kim reikt hem de brief aan. Sven leest hem door en wordt rood. “Zij,” zegt hij. “Wie?” vraagt Kim. “Anatevka,” zegt Sven bitter. “Ze zocht me laatst op tijdens mijn werk. Ze lachte me uit. Ik heb haar toen de waarheid gezegd. En dat is iets waar ze vroeger nooit tegen kon.” “Jij denkt dat zij dit heeft gedaan?” vraagt Kim. “Ik zie haar er wel voor aan,” zegt Sven. “Als ze haar zin niet kreeg, dan zorgde ze ervoor dat degene die haar dwars zat, keihard werd teruggepakt.” Hij slaat zich tegen zijn hoofd. “Waarom heb ik me dat niet bedacht, voordat ik haar de waarheid zei?” Kim schudt haar hoofd. “Maar dat waren streken die tieners uithalen,” zegt ze. “Dit klinkt niet als een grap. Er is iemand die ons bedreigt.” Ze kijken beiden naar Noa. “En ze willen Noa iets aandoen.”
Volgende keer in Burning Ambition:
De grens wordt getrokken.