Episode 36: Het hinkende paard komt achteraan
Sven haalt het laatste bagagestuk van de band en laadt hem op een karretje bij de rest. Gezamenlijk begeeft het groepje zich naar de uitgang van de aankomsthal. “Waar zijn ze nou?” zegt Carmen. “Ik ben op zoek,” zegt Kim, terwijl ze het wagentje van Noa vooruit duwt. “Daar,” zegt Sven. Hij wijst naar twee mensen die vrolijk naar ze staan te zwaaien. Kim versnelt haar pas en is, ondanks dat ze de kinderwagen duwt, als eerste bij hen. “Pap! Mam!” Ze omhelst hen beiden tegelijk. Fabian en Janine omhelzen hun dochter, waarna Sven ook aan de beurt komt. Hij glimlacht, maar voelt zich toch wat ongemakkelijk. Van zijn eigen ouders was hij geen genegenheid gewend. Maar de ouders van Kim hebben hem altijd behandeld als een zoon.
Carmen kijkt vanaf een beleefde afstand toe hoe Janine Noa uit het wagentje haalt en haar een dikke zoen geeft. Vervolgens geeft ze haar door aan Fabian, die zijn kleindochter ook op een zoen trakteert. Carmen voelt zich een beetje verloren bij de aanblik van dit tafereeltje. Ondanks alles wat er is gebeurd in Frankrijk hebben Kim en Sven nog een familie. Kim en Sven zijn dan wel haar geadopteerde familie nu haar ouders dood zijn en ze haar broer niet meer ziet. Maar toch is het niet écht haar familie. Wanneer Janine naar haar toe loopt, steekt ze beleefd haar hand uit. Janine omhelst haar echter. “Kim heeft me veel over je verteld,” zegt Janine. “Het spijt me dat je dat allemaal hebt moeten doormaken.” Carmen kan geen woord uitbrengen door de brok in haar keel. Zoveel liefde heeft ze niet meer gevoeld sinds… haar moeder haar voor het laatst omhelsde. Het lijkt wel een eeuwigheid geleden. Tranen wellen op in haar ogen.
“We hebben zitten in een hotel niet ver van het park,” zegt Fabian, terwijl ze in een volgestouwde auto naar de dierentuin rijden. “Hoe lang blijven jullie?” vraagt Kim. “Weten we nog niet,” zegt Janine. “We zijn nog bezig om een nieuw reisplan samen te stellen.” “Tot die tijd ga ik wat gastlessen geven,” zegt Fabian. “Dat lijkt me wel weer eens leuk.” “En wij moeten ook maar eens kijken wat we nu verder gaan doen,” zegt Sven. “We moeten toch weer wat vastigheid hebben zodat Noa op een mooie plek kan opgroeien.” “Hebben jullie al een idee?” vraagt Janine. “We willen toch kijken of er werk is in het park,” zegt Kim. “Ik ga parttime werken vanwege Noa en Sven probeert fulltime te werken.” “Maar jullie hebben toch een hoop geld verdiend aan de verkoop van het kasteel?” zegt Carmen. “Dan hoeft dat toch helemaal niet?” “Ik wil zelf ook wat bijdragen aan mijn gezin,” zegt Sven. “Het geld is van Kim. Bovendien wil ik werken. Ik heb al mijn hele leven met dieren willen werken. Dat wil ik niet opgeven.” Carmen knikt begrijpend. “Ik moet dan ook maar eens kijken wat ik wil gaan doen. En wat er mogelijk is.”
De auto stopt uiteindelijk op de parkeerplaats van het dierenpark. Gaby en Berenger staan het groepje op te wachten. “Welkom terug,” zegt Gaby enthousiast als ze iedereen verwelkomt. “Allemaal een goede reis gehad?” vraagt Berenger. Iedereen begint door elkaar te praten. Gaby maakt daar snel een einde aan door haar een time-out gebaar te maken. “Laten we allemaal even wat gaan drinken. Dan kan iedereen in alle rust zijn verhaal vertellen,” zegt ze. Iedereen lacht en stemt direct in. Met zijn allen lopen ze het park in richting het restaurant.
Vanaf een afstand kijkt iemand, vanuit een verdekte positie, met samengeknepen ogen naar de groep mensen. Eindelijk, denkt hij. Vanaf een veilige afstand volgt hij het groepje door het park. Af en toe moet hij stoppen omdat ze naar die stomme beesten staan te kijken. Maar uiteindelijk komen ze uit bij het restaurant. Hij wacht eventjes en gaat dan ook naar binnen. De hele groep zit binnen te lachen en te praten onder het genot van een drankje. Hij haalt zelf ook iets te drinken. Vanaf een ander tafeltje houdt hij ze zo onopvallend mogelijk in de gaten. Na een eeuwigheid te moeten wachten, staat iedereen op. Hij volgt ze weer naar buiten. De groep loopt nu weer naar de uitgang. Eenmaal het park uit, pakken de jongeren eerst hun koffers uit de auto. Daarna gaan ze naar een huis vlakbij. Ze nemen hun koffers mee naar binnen. Daar moeten ze dus logeren. Nu hij dat weet, kan hij alles in voorbereiding brengen. Nu is het alleen nog wachten op het juiste moment om toe te slaan. Maar die gelegenheid zal zich vast snel voordoen. Eindelijk genoegendoening voor wat jullie me hebben aangedaan, grijnst hij in zichzelf.
Volgende keer in Burning Ambition:
Het lijkt, al veel sneller dan gedacht, gedaan met de rust.