Episode 25: Lieverkoekjes worden niet gebakken

Kim parkeert de auto voor het kasteel. Vervolgens brengt ze de boodschappen naar de keuken. Zodra ze de voorraadlijst heeft bijgewerkt loopt ze naar het kantoor. Ramon zit nog altijd te telefoneren. “En? Heeft het nog iets opgeleverd?” vraagt ze zodra hij ophangt. “Nada,” zucht Ramon. “Niemand heeft belangstelling in onze paarden. Dat verprutste evenement heeft alle potentiële klanten afgeschrikt.” “Shit,” zegt Kim. “Nog suggesties?” Ramon schudt zijn hoofd. “Op het moment niet.” Hij staat op. “Vind je het goed als ik even weg ga? Ik heb even een frisse neus nodig.” Kim knikt. “We pakken het morgen wel weer op.” Ramon loopt weg. Wanneer hij bij de deur is zegt Kim: “Trek het je niet teveel aan. We vinden wel een oplossing.” Ramon knikt en loopt de deur uit.

In de gang aangekomen loopt Ramon hoofdschuddend richting de poort. Wat hij gaat doen is verkeerd, maar hij ziet geen andere manier. Op zakelijk gebied ziet hij geen oplossing voor de problemen. Het faillissement is, zoals Brique al voorspelde, bijna niet af te wenden. Maar voor Kim is verkopen geen optie. Hij is bij zijn auto aangekomen en stapt in. Na even te hebben geaarzeld, start hij met een beslist gebaar de motor. Hij rijdt weg van het kasteel, richting het landgoed van Brique. Toen hij hem opbelde, had Brique het over een oplossing die voor alle partijen gunstig zou zijn. Als hij Kim een vernedering wil besparen en Carmen een kans wil geven, dan kan hij op zijn minst naar dat idee luisteren.

Kim zit lusteloos op kantoor. Na alles wat er is gebeurd kan ze zich niet concentreren. Ze verlaat zuchtend het kantoor en loopt naar haar kamer. Sven ligt op het bed met zijn arm over zijn ogen. Wanneer ze haar keel schraapt schrikt hij op en gaat rechtop zitten. “Zwaar gehad met Carmen?” vraagt Kim. Svens gezicht betrekt. “Dat kun je wel zeggen.” Hij staat op en loopt naar haar toe. In zijn hand heeft hij een oud uitziend boekje. Hij reikt het haar aan. “Wat is dit?” vraagt Kim. “Dit komt uit de suite van de oude dame,” zegt Sven. “Carmen heeft het er ‘gevonden’.” “Wat?!” zegt Kim verontwaardigd. “Dus ze heeft het uit haar kamer gepikt?” Sven knikt. “Ze verraadde zichzelf en toen ik haar ernaar vroeg, heeft ze het aan me gegeven.” “Dat kind is echt een stuk ellende,” zucht Kim. Ze wil de kamer uitlopen, maar Sven pakt haar arm. “Wat ga je doen?” “Wat denk je?” zegt Kim. “Dat kind de waarheid zeggen en haar dan het kasteel uitschoppen. Ik heb het echt met haar gehad.” Ze wil weglopen maar Sven laat haar niet los. “Dat kun je niet doen. Ze kan nergens heen. Zij heeft het ook niet makkelijk.” “Wat ben jij ineens betrokken,” zegt Kim verbaasd. Sven glimlacht flauwtjes. “Als een zeker meisje jaren geleden niet voor mij was opgekomen, was ik van school gestuurd. En dan hadden we hier nu niet gestaan.” Kim glimlacht als een boerin met kiespijn. “Oké,” zucht ze. “Maar ze komt hier niet ongestraft mee weg.” Sven knikt. “Mee eens. Maar dat komt later wel. Ik denk dat jij nu eerst maar eens in dat boekje moet gaan lezen. Waarschijnlijk zul je daarin vinden wat je zoekt.” Kim kijkt naar het boekje in haar hand. “Wil je er niet bij zijn?” Sven schudt zijn hoofd. “Je zei eerder al dat dit jouw opdracht is. Als je er later over wilt praten, dan ben ik er voor je.” Kim knikt. Sven heeft gelijk. Dit moet ze alleen doen. Sven loopt het zijkamertje in en komt even later tevoorschijn met een lachende Noa in een draagzak op zijn buik. Noa trappelt vrolijk met haar beentjes en zwaait met haar armpjes. Kim lacht om het enthousiasme van haar dochter. Ze geeft haar dochtertje een kus op haar bolletje en Sven een op zijn wang, waarna ze vertrekken. Ze kijkt even de lege kamer rond. Dan gaat ze op haar buik op bed liggen en begint in het boekje te lezen. Het is een dagboek dat ruim vijftig jaar geleden begint. De data zijn er keurig in bijgehouden. De teksten gaan vooral over de oude dame (Oma Adelaide), haar oudere broer Gregoir en haar vriendin Sophie Dubois; haar echte oma die ze nooit heeft gekend. Het beschrijft het dagelijks leven op het kasteel. Sophie werkt voor het kasteel, maar zij en Adelaide zijn toch goede vriendinnen. Alles lijkt heel normaal.
Totdat ze een bladzijde opslaat waarop de inkt is uitgelopen. Alsof Adelaide had gehuild terwijl ze het opschreef. Met bonzend hart begint ze te lezen.

Vandaag kwam ik eerder thuis dan gebruikelijk van de muziekgroep. Toen ik door de gangen liep was het, zoals verwacht, erg stil. Vader sliep vast al en François was vast nog aan het werk in de stallen. Waar Gregoir en Sophie waren, daar had ik toen nog geen idee van. Ineens hoorde ik ergens in de verte een gesmoord geschreeuw. Ik liep snel in de richting van het geluid. Het kwam uit de kamer van Sophie. Toen ik op de deur klopte hoorde ik gevloek en vervolgens geschreeuw om hulp. Ik wilde de deur openen, maar merkte dat hij gebarricadeerd was. Ik riep om hulp. Als bij toverslag was François in de buurt. Ik hoorde hem Sophies naam roepen waarna hij tegen de deur begon te beuken. Met zijn grote en sterke lijf wist hij door te breken. Ik volgde hem de kamer in en kon mijn ogen niet geloven. Sophie lag met haar armen vastgebonden op bed en Gregoir, mijn broer, lag met zijn broek op zijn enkels boven op haar.

Volgende keer in Burning Ambition:
Angst en schuldgevoel zijn machtige drijfveren.

CopyRight (C) 2009 - 2011 - Jeske & Patrick-M
Elke overeenstemming met bestaande personages berust op toeval.
De gebruikte foto's zijn alleen gebruikt ter vermaak van de lezer
en heeft op geen enkele manier te maken met de afgebeelde persoon.
Wij streven er naar om alle rechten te controleren,
mocht u materiaal tegen komen wat van u is,
dan kunt u contact met ons opnemen
waarna wij dit materiaal van de site kunnen verwijderen.